Wit-Rusland ligt in Oost-Europa. Het land heeft geen zeegrens. Het gehele Wit-Rusland beslaat een vlakte met enkele heuvels en veel bossen en moerassen. Het klimaat is gematigd continentaal. In januari is de gemiddelde temperatuur rond -8°С, in juli is het rond 19°С. In de 14de eeuw maakte Wit-Rusland een deel van Litouwen, in de 16de eeuw is het tot Polen getrokken, sinds de 18de eeuw maakt het een deel van Rusland. In 1991 is Wit-Rusland onafhankelijk geworden. In oerbossen van het land wonen bedreigde dieren, zoals zoebren (Europese bizons). De meest belangrijke bezienswaardigheden zijn, tussen andere, het natuurreservaat Belavezhskaja Pushcha, het kasteel in Mir, het kasteel van de familie Radziwill in Nesvizh, de kathedraal van Jezuïeten in Hrodna en de kathedraal in Polotsk. Het land heeft een hoog ontwikkelde industrie en landbouw. Circa 25 % van het territorium van Wit-Rusland is met radiatie besmet.